NOSACQ-50 richtlijnen

Veiligheidscultuur

Onderzoek naar de veiligheidscultuur, een goede voorspeller te zijn van (on)veilig gedrag, incidenten en ongevallen.
Onderzoek naar de veiligheidscultuur, een goede voorspeller te zijn van (on)veilig gedrag, incidenten en ongevallen.

Wil je de veiligheidscultuur binnen jouw organisatie verbeteren? Een goed uitgevoerd veiligheidsklimaatonderzoek kan hierbij helpen.

Verbeter de veiligheidscultuur

Onderzoek met goede resultaten

Wil je de veiligheidscultuur binnen jouw organisatie verbeteren? Een goed uitgevoerd veiligheidsklimaatonderzoek kan hierbij helpen. Het is belangrijk dat medewerkers zich gehoord voelen en dat de resultaten leiden tot echte verbeteringen.

Met de juiste aanpak wordt veiligheid een gedeelde verantwoordelijkheid en een kans om samen te groeien.

Samen staan we voor veiligheid
Samen staan we voor veiligheid

Effectief Gebruik van Veiligheidsklimaatonderzoek

  1. Alleen starten met een duidelijk actieplan
    Voer een veiligheidsklimaatonderzoek alleen uit als er een concreet voornemen is om actie te ondernemen op basis van de resultaten. Het management moet zich vooraf expliciet committeren aan vervolgacties. Een enquête zonder opvolging is schadelijker dan helemaal geen enquête, omdat het het vertrouwen van medewerkers in het management ondermijnt en kan leiden tot desillusie.

  2. Resultaten als ontwikkelingsinstrument, niet als beoordelingscijfer

    De uitkomsten van het onderzoek moeten worden gezien als een middel voor dialoog en ontwikkeling, niet als een ‘rapportcijfer’. Wanneer een laag veiligheidsklimaat wordt vastgesteld, is het cruciaal om de resultaten niet te beschouwen als een veroordeling, maar als een startpunt voor verbetering. Hierbij is het belangrijk om prioriteiten te stellen:

    • Maak onderscheid tussen basisvoorwaarden (die inherent zijn aan het werk, zoals weersomstandigheden bij buitenwerk) en veranderbare factoren.

    • Richt de aandacht op een beperkt aantal belangrijke verbeterpunten in plaats van alles tegelijk te willen veranderen.

    Een enquête moet worden gezien als een instrument voor continue ontwikkeling, waarbij geïdentificeerde problemen kansen bieden om te leren en te groeien.

  3. Vrijwillige deelname en anonimiteit waarborgen

    Deelname aan de vragenlijst is vrijwillig. Een lage respons kan de betrouwbaarheid van de enquête verminderen, aangezien niet-deelnemers mogelijk een andere perceptie hebben dan de respondenten.

    Daarnaast is anonimiteit essentieel om medewerkers in staat te stellen open en eerlijk hun mening te geven zonder angst voor negatieve consequenties. Voor groepen kleiner dan 20 personen geldt dat de deelnemers expliciete toestemming moeten geven om groepsscores te berekenen. Kleinere groepen kunnen ook leiden tot minder statistische precisie en de perceptie dat anonimiteit in gevaar is.

  4. Transparantie: medewerkers hebben recht op inzage en discussie

    De resultaten van het onderzoek moeten toegankelijk en begrijpelijk zijn voor alle medewerkers. Een rapport over het veiligheidsklimaat heeft geen waarde als de medewerkers de bevindingen niet kunnen inzien en bespreken. Idealiter worden de resultaten gepresenteerd door een adviseur of deskundige die toelichting geeft en ruimte biedt voor vragen en dialoog.

  5. Betrokkenheid van alle niveaus binnen de organisatie

    Een succesvol verbetertraject vereist actieve deelname van zowel het management, de leidinggevenden als de werknemers.

    • Een participatieve aanpak zonder steun van het management leidt vaak tot problemen met middelen en uitvoering.

    • Een top-down aanpak zonder betrokkenheid van medewerkers zal vaak op weerstand stuiten en niet worden gedragen.

    • Een aanpak zonder steun van het middenkader zal waarschijnlijk mislukken, omdat deze groep cruciaal is voor veranderingen op de werkvloer.

  6. Focus op haalbare veranderingen

    Het is belangrijk om te onderscheiden welke factoren structureel onderdeel zijn van het werk en welke daadwerkelijk kunnen worden veranderd. Wanneer basisvoorwaarden niet kunnen worden aangepast, moet de nadruk liggen op het versterken van individuele en collectieve vaardigheden om hier beter mee om te gaan.

  7. Oplossingen moeten lokaal worden ontwikkeld

    Er zijn geen standaardoplossingen voor veiligheidsklimaatproblemen. De beste oplossingen komen voort uit de medewerkers zelf, omdat:

    • Zij degenen zijn die hun manier van werken moeten aanpassen en dus hun eigen ‘veranderingsagenten’ moeten zijn.

    • Oplossingen moeten aansluiten op de specifieke context van de werkplek, inclusief de beschikbare middelen en beperkingen. Zelfs ogenschijnlijk identieke werkplekken kunnen andere uitdagingen en mogelijkheden hebben. Standaard ‘handleidingen’ of one-size-fits-all-oplossingen hebben daarom beperkte waarde.

  8. Herhaling en evaluatie van interventies

    Om de effectiviteit van verbetermaatregelen te beoordelen, is het aan te raden om de enquête na 1 à 2 jaar opnieuw af te nemen. Dit helpt bij het vaststellen of de gewenste verbeteringen zijn doorgevoerd.

    • Interventies hebben vaak tijd nodig om effect te sorteren; te snelle evaluatie kan een vertekend beeld geven.

    • Als de beoogde verbeteringen uitblijven, moet grondig worden geanalyseerd wat er mis is gegaan en waarom.

  9. Veiligheidsklimaatenquêtes als onderdeel van een lerende organisatie

Regelmatige onderzoeken kunnen bijdragen aan een continu verbeterproces binnen de organisatie. In een lerende organisatie worden zowel successen als mislukkingen benut als kansen om collectief te leren en processen te verbeteren.

Veel bedrijven hanteren procedures en normen die inefficiënt zijn of problemen verhullen. Door een open en kritische benadering kunnen organisaties veiligheid en efficiëntie tegelijkertijd verbeteren.